De Arnhemse rechtbank stuurde in januari 2004 een eisende partij met lege handen naar huis, omdat deze niet eerst voor een mediation-procedure via de SGOA had gekozen maar direct naar de rechtbank was gestapt.
De kwestie waarover de Arnhemse rechtbank gevraagd was te oordelen, betrof een incassogeschil. De eisende partij had in opdracht van het andere bedrijf trainingen verzorgd. Aangesproken op betaling van nog openstaande facturen, verweerde de wederpartij zich in de procedure onder meer met het standpunt dat de eisende partij had nagelaten een minitrial-procedure bij de Stichting GeschillenOplossing Automatisering (SGOA) te volgen. Deze geschillenregeling was opgenomen in de algemene voorwaarden die voor beide partijen van toepassing waren.

De voorwaarden van de betreffende dienstverlener sluiten vrijwel letterlijk aan bij de woorden van de geschillenregeling van de uit 1994 daterende algemene voorwaarden van FENIT. Juist omdat deze FENIT-voorwaarden door heel veel IT-bedrijven gehanteerd worden, heeft het vonnis uit Arnhem grote betekenis voor de IT-sector. De uitspraak raakt feitelijk de belangen van heel veel bedrijven in ons land. Omdat de eisende partij had nagelaten voor het zoeken naar een oplossing van het incassogeschil de tussen partijen overeengekomen weg naar de SGOA te bewandelen, oordeelde de rechtbank dat zij het betalingsgeschil niet in behandeling kon nemen. Zij verklaarde de eisende partij daarom niet-ontvankelijk in haar vordering, die daarmee met lege handen naar huis gestuurd.
FENIT-jurist Peter van Schelven publiceerde onlangs een artikel over dit onderwerp in het Tijdschrift voor Mediation. Dit artikel kunt u hier downloaden... |